Tegemoetkoming Faunaschade

Bij12 kan aan u onder voorwaarden een tegemoetkoming verlenen in de schade veroorzaakt door natuurlijk in het wild levende beschermde inheemse diersoorten aan bedrijfsmatig geteelde landbouwgewassen of gehouden landbouwhuisdieren. Deze voorwaarden staan beschreven in de Beleidsregels faunaschade.

Klik HIER om deze pagina als PDF bestand te downloaden.

Wilt u alleen schade melden? Dit kan via www.faunaschade.nl.

Dan wordt in elk geval de schade vastgelegd!!

Belangrijk voor toekomstige ontheffingen!! 

Een tegemoetkoming vraagt u aan door een aanvraag in te dienen via MijnFaunazaken.

De volgende onderwerpen uit de beleidsregels zijn verder toegelicht:
Leges (behandelbedrag)

Tijdig indienen van de aanvraag
Tijdig aanvragen van een ontheffing
Adequaat gebruik van de ontheffing
Geen tegemoetkoming
Eigen risico
Taxaties

  • Leges (behandelbedrag):

Om via www.mijnfaunazaken.nl een aanvraag bij BIJ12 in te dienen, betaalt u € 300,00 leges. Pas als de betaling is geslaagd wordt de digitale aanvraag verstuurd naar BIJ12.

Bij een afwijzing van de aanvraag worden de € 300,00 leges in beginsel niet terugbetaald. Laat u dus vooraf goed informeren over de voorwaarden voor het verkrijgen van een tegemoetkoming in de schade, voordat u een aanvraag indient.

€ 300,00 leges worden in beginsel automatisch terugbetaald:

Gelderland

  • indien uw aanvraag om een tegemoetkoming wordt verleend en de schade meer dan

€ 250,00 bedraagt;

  • indien uw aanvraag om een tegemoetkoming wordt verleend en de schade is aangericht door ganzen in een rustgebied;
  • indien uw aanvraag om een tegemoetkoming wordt verleend en de schade is aangericht door de wolf, lynx, otter, bever, das of wilde kat;
  • Tijdig indienen van de aanvraag:
  • wat te doen als schade te verwachten is:

Op voorhand kunt u preventieve middelen inzetten om schade te voorkomen.
Meer informatie hierover is te vinden in de Faunaschade Preventiekit (FPK).

Om maatregelen te kunnen treffen om jaarlijks terugkerende schade te voorkomen, is over het algemeen door de Faunabeheereenheid (FBE) op basis van het faunabeheerplan al een ontheffing aangevraagd. De FBE kan grondgebruikers, jagers en WBE’s op aanvraag machtigen om van de ontheffing gebruik te maken. Als u grote kans loopt op schade is het verstandig om elk jaar op voorhand de machtiging bij de FBE aan te vragen. Als er dan schade optreedt of dreigt op te treden kunnen direct maatregelen worden getroffen. Het kan overigens zijn dat uw provincie voor bepaalde verboden uit de Wet natuurbescherming vrijstelling heeft verleend. De FBE kan u hierover meer informatie verstrekken.

  • Wat te doen bij onverwachte schade:

Het kan ook zijn dat u te maken krijgt met onverwachte (dreigende) schade. U zult dan waarschijnlijk nog geen machtiging bij de FBE hebben aangevraagd.

  • Neem bij dreigende of optredende schade direct contact op met de FBE. Vraag een machtiging aan voor eventuele ontheffing die al aan de FBE is verleend. Als er door de provincie nog geen ontheffing op voorhand is verleend aan de FBE voor de betreffende diersoort, vraag deze dan direct zelf aan bij de provincie. Neem dezelfde dag nog preventieve maatregelen (voor zover die zijn toegestaan zonder ontheffing). Ontvangt u een machtiging via de FBE of een ontheffing van de provincie, neem dan meteen ook de maatregelen die volgens de ontheffing zijn toegestaan.
  • Tegemoetkoming in schade:

Als er ondanks preventieve maatregelen toch nog schade van enige omvang optreedt, kunt u een aanvraag om een tegemoetkoming in de schade indienen bij BIJ12. De aanvraag dient binnen zeven werkdagen na constatering van de schade van enige omvang binnen te zijn.

De taxateur volgt de schade vanaf het moment dat deze de aanvraag ontvangt tot aan het moment dat de oogst gepland staat. Vlak vóór de geplande oogst wordt de schade afgetaxeerd. De taxateur stelt een taxatierapport op en verzendt deze naar BIJ12. BIJ12 controleert vervolgens of het dossier direct kan worden beoordeeld. Het komt soms voor dat er aanvullende informatie nodig is om een dossier compleet te maken. BIJ12 streeft ernaar om binnen tien weken na ontvangst van het taxatierapport een besluit te nemen en – indien van toepassing – de tegemoetkoming over te maken.

(*) De wildbeheereenheid Gendringen-Bergh beschikt op voorhand over alle ontheffingen. Deze worden doorgezet naar de jachthouder zodat bij (dreigende)schade ook met het geweer kan worden opgetreden. Elke ontheffing heeft wel specifieke voorwaarden.

Belangrijk is dat de grondgebruiker bij (dreigende)schade contact opneemt met de jachthouder. Zij kunnen dan samen kijken naar het inzetten van preventieve maatregelen (vlaggen, linten, menselijke verjaging) en tevens gebruik maken van de in de ontheffing verleende middelen o.a. het geweer. Belangrijk is dat de jachthouder al zijn inspanningen gaat vastleggen in het Fauna Registratie Systeem (FRS). Tevens kan ook de grondgebruiker zijn acties vastleggen.

  • Tijdig aanvragen van een ontheffing

Let op:

Voor de roek wordt momenteel  door de Provincie Gelderland geen ontheffing verleend !!

Om in aanmerking te komen voor een tegemoetkoming dient u of uw jager (*) tijdig een ontheffing te hebben aangevraagd bij de provincie of Faunabeheereenheid (FBE). Dit is niet het geval als expliciet uit provinciaal beleid (beleidsnota of goedgekeurd faunabeheerplan) blijkt dat voor een bepaalde diersoort, periode of gebied geen ontheffing wordt afgeven. Tijdig aanvragen houdt in dat u de ontheffing uiterlijk op de dag dat u de schade constateerde moet aanvragen.

Indien u te laat of geen ontheffing heeft aangevraagd, wordt uw aanvraag om een tegemoetkoming afgewezen. De tijd die de provincie of FBE nodig heeft om uw aanvraag af te handelen wordt u niet tegengeworpen. Wij raden u daarom aan om altijd (tijdig) een aanvraag te doen.

  • Adequaat gebruik van de ontheffing

Om voor een tegemoetkoming in aanmerking te komen, dient u aan te tonen dat u zo veel mogelijk heeft gedaan om de faunaschade te voorkomen en beperken. BIJ12 toetst of een verleende ontheffing om de schade te bestrijden adequaat is ingezet. Dit houdt in dat de ontheffing minimaal op twee verschillende dagen per week is gebruikt om schade te bestrijden door middel van afschot van enkele van de schadeveroorzakende diersoorten.

Bejaagacties moeten op datum van uitvoering worden geregistreerd zo mogelijk in het Faunaregistratiesysteem (FRS) en moeten zijn verricht op, of in een buffer van 200 meter rond het schadeperceel. Alleen dan tellen deze acties mee in de beoordeling van het adequaat gebruik van de ontheffing.

Ook afschotpogingen waarbij geen dieren zijn gedood, tellen mee voor het adequaat gebruik en moeten worden geregistreerd. Indien de jager aanwezig is geweest, maar geen schadeveroorzakende dieren heeft aangetroffen, kan dit apart worden vermeld. Van belang is dat concreet de geleverde inspanning én het resultaat per datum van uitvoering wordt vermeld. Een mededeling dat “twee keer per week gebruik is gemaakt van de ontheffing” is onvoldoende en wordt niet geaccepteerd bij de beoordeling.

Verjaagacties, bijvoorbeeld met een vogelafweerpistool, tellen niet mee voor het adequaat gebruik van de ontheffing.

In het kader van de procedure waarbij een tegemoetkoming wordt aangevraagd, vraagt BIJ12 de gegevens op bij u. Als de jager de gegevens heeft geregistreerd in FRS, worden deze gegevens automatisch door ons gebruikt.  Indien er onvoldoende inzage is gegeven in de mate waarin gebruik is gemaakt van de ontheffing of indien er te weinig gebruik is gemaakt van de ontheffing, wordt de aanvraag om een tegemoetkoming afgewezen.

Uitzonderingen

In een aantal gevallen wordt niet getoetst op adequaat gebruik van de ontheffing om voor een tegemoetkoming in aanmerking te komen:

  • als een ontheffing op inhoudelijke gronden niet wordt afgegeven;

Registratie in Faunaregistratiesysteem (FRS)

BIJ12 heeft toegang tot een aantal gegevens uit FRS, namelijk: alle in FRS geregistreerde bejaagacties binnen een bepaalde straal om het schadeperceel. BIJ12 heeft geen inzicht in wie de bejaagacties heeft uitgevoerd. Het maakt niet uit wie de bejaagactie heeft uitgevoerd, als het maar binnen een buffer van 200 meter van het schadeperceel heeft plaatsgevonden en in FRS is geregistreerd.

Bejaagacties worden door de jachthouder ingevoerd in het FRS.

  • Geen tegemoetkoming

BIJ12 verleent onder andere geen tegemoetkoming indien, in “dik gedrukt” aangegeven de meest belangrijke items:

  • u de aanvraag om een tegemoetkoming niet binnen 7 dagen nadat u de schade heeft geconstateerd heeft ingediend;
  • er geen sprake is van schade welke door vraat, graven, wroeten of vegen is veroorzaakt aan bedrijfsmatige landbouw;
  • u niet uw hoofdbestaan of een substantieel gedeelte van uw bestaan in de landbouw vindt of pleegt te vinden;
  • u de schadepercelen niet op titel van eigendom of (erf)pacht in gebruik heeft voor de uitoefening van bedrijfsmatige landbouw;
  • er schade is aan een kwetsbaar gewas en u op de schadepercelen geen of onvoldoende maatregelen heeft getroffen of inspanningen verricht heeft om de schade te voorkomen of te beperken;
  • er schade is aan een kapitaalintensief gewas en u op de schadepercelen geen of onvoldoende maatregelen heeft getroffen of inspanningen verricht met het oogmerk de schade te voorkomen of te beperken, u heeft geen deugdelijk raster geplaatst;
  • u, of namens u uw jachthouder, geen of te laat een ontheffing heeft aangevraagd voor het doden van de schadeveroorzakende dieren;
  • u, of namens u uw jachthouder, geen adequaat gebruik heeft gemaakt van de ontheffing voor het doden van de schadeveroorzakende dieren;
  • de schade niet is veroorzaakt door natuurlijk in het wild levende beschermde diersoorten (nijlganzen, halsbandparkieten, boerenganzen, stadsduiven, mollen);
  • de schade is veroorzaakt door een diersoort waarvoor een landelijke vrijstelling geldt (Canadese gans, houtduif, konijn, kauw, vos, zwarte kraai);
  • de schade is veroorzaakt door een diersoort waarvoor een provinciale vrijstelling geldt (u kunt bij de Faunabeheereenheid informeren welke dieren provinciaal vrijgesteld zijn);
  • de schade is veroorzaakt door een diersoort waarvoor Gedeputeerde staten opdracht hebben gegeven om de omvang van de populatie te beperken;
  • de schade is veroorzaakt door een diersoort waarop de jacht kan worden geopend (haas, konijn, houtduif, fazant en wilde eend, m.u.v. de wilde eend buiten de periode waarop de jacht op deze diersoort is geopend);
  • de schade is veroorzaakt door een diersoort waarvoor Gedeputeerde Staten een ontheffing hebben verleend en waarbij in de verleende ontheffing geen bepalingen zijn opgenomen die de schadebestrijding in de weg staan;
  • de schade is veroorzaakt door vogels aan bessen- en kleinfruitteelt, kersen, druiven/wijnbouw;
  • de schadepercelen binnen de bebouwde kom of binnen een straal van 500 meter van een vuilstortplaats liggen;
  • de schade is aangericht aan materialen die worden gebruikt voor het (tijdelijk) afdekken van gewassen;
  • het risico op de schade verzekerbaar is bij ten minste twee in Nederland werkzame verzekeringsmaatschappijen;
  • u de schadepercelen op titel van pacht in gebruik heeft als bedoeld in artikel 7:388 van het Burgerlijk Wetboek (verpachting binnen reservaten, natuurpacht);
  • u de schadepercelen op titel van (erf)pacht in gebruik heeft en in de pachtovereenkomst bepalingen zijn opgenomen die beperkingen bevatten in het landbouwkundig gebruik of ten aanzien van het bestrijden van schadeveroorzakende diersoorten;
  • de schadepercelen niet voor landbouwkundige doeleinden worden gebruikt, of een functie hebben als waterkering;
  • de schade is aangericht aan blijvend grasland in de maand oktober*;
    * m.u.v. de provincies Gelderland in de Vogelrichtlijngebieden en Noord-Holland in de Nature 2000-gebieden (zie het nieuwsbericht).
  • de schade is aangericht aan blijvend grasland in de periode 1 oktober tot en met 31 januari daaropvolgend en het grasgewas bestemd is voor beweiding met schapen;
  • de schade is aangericht aan knol-, bol- of wortelgewassen die na 1 december worden geoogst;
  • de schade is aangericht aan bijproducten van gewassen;
  • de schade is aangericht aan bedrijfsmatig geteelde gewassen in een kas of bedrijfsmatig gehouden landbouwhuisdieren in een stal;
  • de schade is aangericht aan gebouwen, installaties, bouwwerken, geoogste gewassen, opgeslagen voedergewassen, verpakte voedergewassen, een voertuig, (lucht)vaartuig of overig vervoermiddel;
  • de schade is aangericht aan een gewas dat u niet meer gaat oogsten of op een perceel wat u niet meer in gebruik gaat nemen;
  • door handelingen of het nalaten van handelingen door u de taxateur de schade niet meer kan taxeren;
  • de schade is veroorzaakt door een ziekte;
  • het indirecte schade betreft bijvoorbeeld schade aan groenbemester;
  • de schade is aangericht op een perceel grasland waarvoor u een beheerovereenkomst heeft afgesloten voor botanisch (randen)beheer in het kader van de (P)SAN of SNL.
  • Eigen risico

BIJ12 hanteert een eigen risico. Het uitgangspunt van een tegemoetkoming in de schade die wordt verleend is, dat die schade redelijkerwijs niet ten laste van u behoort te blijven. Een tegemoetkoming is dus niet bedoeld om u schadeloos te stellen.

Door het telen van producten of het houden van dieren buiten is er altijd een risico dat schade van buitenaf wordt aangericht. Dit risico is onderdeel van de bedrijfsvoering en hoort daarom in beginsel niet ten laste van de provincies te komen.

Het eigen risico is gesteld op 5% van de te verlenen tegemoetkoming met een minimum van € 250,00 per bedrijf per meldingsjaar. Dit betekent dat een eigen risico van € 250,00 berekend wordt over het totale aantal aanvragen van u, tot een bedrag van € 5.000,00 is getaxeerd. Boven dit bedrag zal 5% van de te verlenen tegemoetkoming als eigen risico berekend worden.

Geen eigen risico:

Voor diersoorten welke op geen enkele wijze mogen worden ver- of bejaagd, kunnen de provincies besluiten de schade volledig te vergoeden. Geen eigen risico wordt ingehouden als het gaat om:

Gelderland

  • schade die is aangericht door een schadeveroorzakende diersoort die niet mag worden verontrust en gedood in een ganzenrustgebied in de periode van 1 november tot 1 april;
  • schade die is aangericht door een schadeveroorzakende diersoort die niet mag worden verontrust en gedood in een Natura 2000-gebied in de periode van 1 oktober tot 1 april;
  • schade die is aangericht door ganzen buiten ganzenrustgebieden of Natura 2000-gebieden in de periode van 1 november tot 1 maart (tot uiterlijk 1 maart 2019);
  • schade die is aangericht door de wolf
  • Taxaties

Een taxateur neemt de schade op nadat deze hiervoor opdracht krijgt van BIJ12. Pas wanneer wij uw aanvraag ontvangen, kunnen wij deze opdracht uitzetten bij een onafhankelijk taxatiebureau. Het taxatiebureau(s) taxeert volgens de door BIJ12 vastgestelde richtlijnen.

BIJ12 streeft ernaar om één werkdag na de ontvangst van een (complete) aanvraag de taxatieopdracht in gang te zetten.

Indien er kort voor de oogst sprake is van plotselinge faunaschade, kan er een spoedtaxatie aangevraagd worden. Voordat er een spoedtaxatie uitgevoerd kan worden, neemt u contact op met BIJ12. Nadat ook de aanvraag in goede orde ontvangen is, gaat BIJ12 na of er binnen 24 uur een taxateur ter plaatse kan zijn.

Een taxateur krijgt de taak om de oorzaak en omvang van schade vast te stellen. Dit kan alleen wanneer uw perceel niet geoogst of beweid is. Schade op percelen die wel beweid of geoogst zijn, komen niet in aanmerking voor een tegemoetkoming.

Wanneer een perceel gedeeltelijk geoogst is, stelt de taxateur de schade vast van het niet geoogste deel.

Als een agrariër het niet eens is met de uitgevoerde taxatie kan deze hiertegen zijn bedenkingen tegen de taxatie bij BIJ12 kenbaar maken.

Bij vragen neem vooraf contact op met B12.

Telefonisch te bereiken op: 085 – 486 22 22